AMERIKAANSE GEBARENTAAL EN ANDERE COMMUNICATIESYSTEMEN VOOR DOVEN

american sign language voor doven


Veel talen kunnen moeilijk te leren zijn en worden soms nog verwarrender wanneer er regionale accenten worden gebruikt. Er is echter een taal waarvoor helemaal geen geluid nodig is. Daarom is het een bijzonder veelzijdige en toegankelijke communicatiemethode. American Sign Language (Amerikaanse gebarentaal, ASL) is een van de beste hulpmiddelen die er zijn voor doven en degenen met wie ze communiceren.

DE GESCHIEDENIS VAN GEBARENTAAL

De geschiedenis van gebarentaal gaat terug tot de vijfde eeuw voor Christus. Over de hele wereld werden gebarentalen ontwikkeld, maar het meest gedocumenteerde bewijsmateriaal van gebarentaal dateert uit de zeventiende eeuw in Europa. Verschillende groepen mensen gebruikten hun eigen onderlinge communicatiemethoden met handgebaren. Thomas Braidwood ontwikkelde bijvoorbeeld de Britse gebarentaal (BSL). ASL ontstond echter door de methoden van twee verschillende landen te combineren.

In de achttiende eeuw was er op het eiland Martha’s Vineyard door erfelijkheid een grote groep doven ontstaan. De inwoners ontwikkelden een basale gebarentaal die zowel door doven als horenden werd gebruikt, zodat ze beter met elkaar konden communiceren. Deze creatieve communicatiemethode werd echter alleen op het eiland gebruikt, en er bestonden geen trainingen of andere bronnen voor degenen die doof werden door een ziekte of verwonding. Dat veranderde toen Thomas Hopkins Gallaudet in het begin van de negentiende eeuw bevriend raakte met zijn buren, de Cogswells. Hun negenjarige dochter Alice was doof geworden door de vlektyfus en hij ontwikkelde met hen een manier om haar te onderwijzen. Haar vader, Dr. Mason Fitch Cogswell en Gallaudet waren het erover eens dat er veel behoefte was aan een onderwijssysteem voor doven.

Gallaudet reisde naar Europa om bestaande communicatiesystemen voor doven te onderzoeken. In Londen ontmoette hij de Franse abt en leraar Roch-Ambroise Cucurron Sicard, die Gallaudet uitnodigde het Institut National de Jeunes Sourds de Paris (INJS) te bezoeken. Het INJS was een school voor doven, opgericht door Charles Michel de l’Epée. Doordat zijn financiële middelen snel opraakten, kon hij niet lang blijven. Daarom nam hij een van Sicards leerlingen, Laurent Clerc, mee terug naar de Verenigde Staten. De twee wisselden informatie uit met behulp van Franse gebarentaal (LSF) en geschreven Engels, en begonnen geld in te zamelen voor de nieuwe school. Op 15 april 1817 opende het Asylum for the Instruction of Deaf and Dumb Persons haar deuren. Alice Cogswell was de eerste leerlinge.

Clerc gebruikte de basisprincipes van LSF bij het lesgeven, maar merkte al snel dat zijn studenten, waarvan het merendeel uit Martha’s Vineyard kwam, gebaren aanpasten of terugvielen op het systeem van Martha’s Vineyard. Deze nieuwe combinatie van LSF en het systeem van Martha’s Vineyard kreeg de naam ASL en werd al snel ook buiten het klaslokaal gebruikt in het dagelijks leven en in en rond het huis. Tot op de dag van vandaag heeft ASL veel overeenkomsten met LSF en juist weinig kenmerken van BSL.

DE TAALWETENSCHAPPELIJKE KANT VAN ASL

Volledige beheersing van ASL wordt gemeten met behulp van vier niveaus, of cursussen, die een student achtereenvolgens moet voltooien:

  • In niveau 1 worden de grondbeginselen van ASL behandeld, zoals een basiswoordenschat, vingerspellen (het spellen van woorden met behulp van de gebaren voor individuele letters uit het handalfabet) en basisgrammatica.
  • In niveau 2 wordt deze kennis uitgebreid zodat de student ingewikkeldere zinnen en ideeën kan overbrengen.
  • In niveau 3 ligt de nadruk op de uitbreiding van de ASL-woordenschat. Leerlingen op dit niveau kunnen korte verhalen vertellen in ASL en weten hoe ze op bepaalde woorden de nadruk kunnen leggen.
  • In niveau 4 wordt de praktische woordenschat verder uitgebreid en wordt er gewerkt aan gemakkelijker communiceren.

ASL volgt de Engelse grammaticaregels niet, en de betekenis van veel woorden is afhankelijk van extra bewegingen of de plaats in de zin. De plaats van het gebaar ten opzichte van het lichaam is ook essentieel om de boodschap te begrijpen. Zo worden de woorden 'meisje' en 'onthouden' uitgedrukt met hetzelfde handgebaar, maar dan op een andere plaats in de lucht.

ALFABET EN NUMMERS

In American Sign Language (Amerikaanse gebarentaal, ASL) worden de letters van het alfabet met verschillende handgebaren uitgebeeld. Dit kan met slechts één hand worden gedaan. Er is alleen beweging nodig bij de letters J en Z. Eigenlijk zijn er maar 22 verschillende gebaren om de letters van het alfabet uit te beelden. We komen aan de volledige set van 26 letters door de gebaren op verschillende manieren in de lucht te vormen, of door ze te combineren met een bepaalde beweging, zoals bij de J en de Z. Vingerspelling, oftewel het spellen van woorden met behulp van de gebaren uit het handalfabet, wordt vaak gebruikt om namen, merknamen of verschillende leden binnen een bepaalde groep (zoals 'paardenbloem' in plaats van 'bloem') te verduidelijken. Hetzelfde geldt ook voor de cijfers, die bestaan uit tien handgebaren die met één hand kunnen worden gemaakt.

ZINNEN VORMEN IN ASL

Zoals hierboven al is uitgelegd, is de syntaxis van ASL anders dan in het geschreven Engels, omdat de zin met het onderwerp begint, gevolgd door het gezegde. Woorden zoals 'is' en 'ben' worden vaak vervangen door een hoofdknik om efficiënter te kunnen communiceren. In langere zinnen kan er naar voorkeur een lijdend voorwerp na het werkwoord of voor het onderwerp worden geplaatst. Het meewerkend voorwerp wordt na het onderwerp geplaatst, gevolgd door de handeling van de zin. Het kan een uitdaging zijn om de zinsstructuur onder de knie te krijgen, maar ASL is een redelijk flexibele taal. Hoe vaker u oefent, hoe beter het gaat.

GEBARENTOLK

Als u een ASL-tolk wilt worden, moet u eerst ASL goed beheersen. Dit wordt meestal bereikt door het volgen van een cursus, of dit nu klassikaal of online gebeurt. In veel cursussen ligt te nadruk op oefening met een ander die ASL beheerst, zodat diegene bij het oefenen kan helpen. Door de aard van de taken van een tolk is het over het algemeen wenselijk om een zo groot mogelijke woordenschat te hebben. Als u zich officieel wilt laten registreren als ASL-tolk, kunt u een examen afleggen bij het Registry of Interpreters for the Deaf (Amerikaans register voor gebarentolken). Dit examen is moeilijk, maar wanneer u het met goed gevolg aflegt, krijgt u een National Interpreter Certification (nationaal tolkcertificaat), waarmee u als ASL-tolk aan de slag kunt.

UITDRUKKINGEN IN GEBAREN

Uitdrukkingen worden in ASL gevormd door bepaalde woorden te vergroten of te overdrijven. Als iemand bijvoorbeeld 'erg blij' wil overbrengen, moet hij of zij het handgebaar voor 'blij' maken en dit overdrijven met een vergrote beweging. Daarnaast moet hij of zij tijdens het eerste gedeelte van het handgebaar pauzeren. Bestaande woorden worden zo op een eenvoudige manier verbogen. Dit is ook hoe bijwoorden in ASL worden gevormd. Gezichtsuitdrukkingen zijn ook essentieel bij het overbrengen van de toon in de communicatie. Menselijke gezichtsuitdrukkingen zijn universeel. Het is moeilijk om walging voor de vlekken in een T-shirt verkeerd te begrijpen als de handgebaren worden gecombineerd met een grimas.

ASL is een bijzonder veelzijdige taal en erg leuk om te leren. Bekijk onderstaande bronnen voor meer informatie over ASL, de zinsstructuur en hoe u de taal kunt leren.

 

Life Print – ASLU
ASL Pro
American Sign Language Browser
Signing Savvy Online Dictionary
History of Sign Language
Sign Language Linguistics
American Sign Language Alphabet & Number Chart
History of American Sign Language
Deaf Culture – Sentence Structure
Master American Sign Language
Is Sign Language the Same All Over the World?
American Sign Language Alphabet Practice
ASL Grammar & Basic Linguistics

Neem contact op met Mitel