De analoge exchange-verbinding bewerken

Hiermee kunt u de geselecteerde analoge exchange-verbinding definiëren en configureren.

Table 1. Analoge-exchange-verbinding

Parameter

Uitleg

Exchange-verbinding

Het identificatienummer van de exchange-verbinding

Naam

Nummer van de exchange-verbinding

Exchange-verbindingstype

Exchange-verbindingstype

Gespreksroutering

Standaardroutering Inkomende gesprekken via deze exchange-verbinding worden doorgeschakeld naar de oproepbestemming van de standaardroutering.

Aparte routering: Binnenkomende gesprekken via deze exchange-verbinding worden doorgeschakeld naar de oproepbestemmingen die hier zijn geconfigureerd. (De configuratie van de oproepbestemming wordt weergegeven als u deze optie selecteert).

Gespreksroutering

Ze kunnen de interne bestemmingen bepalen, afhankelijk van de schakelposities van de hoofdschakelgroep (schakelgroep 1) De schakelgroep kan bijvoorbeeld worden gebruikt voor omschakelingen tussen Dag, Nacht en Weekend. Deze kan ook worden bediend met tijdfuncties of handmatig worden bediend met een telefoon.

Table 2. Routering afhankelijk van schakelpositie l

Parameter

Uitleg

Gebruikersgroep

Voer hier het Nr. van de gebruikersgroep in (niet te verwarren met het interne telefoonnummer van de gebruikersgroep).

Als de oproep niet via een gebruikersgroep moet worden gerouteerd, laat u het invoerveld leeg.

Gebruiker

Voer hier het interne telefoonnummer van een gebruiker in.

Als het gesprek niet rechtstreeks naar een interne gebruiker moet worden gerouteerd, laat u het invoerveld leeg.

Oproepbestemming bezet als gebruiker bezet is

Als de gebruiker bezet is, wordt de bezettoon naar de beller gesignaleerd, zelfs als de andere bestemmingen vrij zijn.

Als de gebruiker bezet is, wordt het gesprek aan de andere bestemmingen aangeboden.

Overdracht

De oproep wordt naar de PC-telefonistenconsoles gerouteerd.

Mobiele/externe telefonie-integratie

Het gesprek wordt naar de inbel- en authenticatiebestemming voor GSM-gebruikers gerouteerd. Nadat deze is geauthentiseerd, krijgt de bellende GSM-gebruiker de interne kiestoon. Vervolgens kan deze specifieke functiecodes uitvoeren bij kengetal-kiezen of interne/externe gesprekken voeren.

IP-extern beheer (SRM)

Door dit verkorte kiesnummer te kiezen, wordt de communicatieserver gevraagd om een SRM-verbinding tot stand te brengen.

Welkomsbericht (MoH)

Hier kunt u selecteren of een welkomsbericht (=96 meldingsservice) moet worden ingevoerd en zo ja, welke.

Table 3. Dataservice oproepbestemmingen

Parameter

Uitleg

Faxgegevens

v Gebruik deze exchange-verbinding voor inkomende faxberichten. Alle inkomende oproepen worden doorgestuurd naar dezelfde oproepbestemming, d.w.z. degene die u hebt geconfigureerd onder Faxtoestel.

Faxtoestel

Selecteer hier het faxnummer waarnaar inkomende faxberichten moeten worden verzonden.

Analoge netwerkinterfaces

Een analoge exchange-verbinding bestaat uit één of meer analoge netwerkinterfaces.

Table 4. Analoge netwerkinterfaces

Parameter

Uitleg

Netwerkinterface

Interfacenaam

Uitgaand geblokkeerd

Deze netwerk interface is geblokkeerd voor uitgaande oproepen.

Exchange-verbindingstoewijzing wijzigen

Hiermee kunt u de netwerkinterface van de huidige exchange-verbinding verwijderen en toewijzen aan een andere exchange-verbinding.

Het tekstbericht achter het invoerveld vertelt u of de geselecteerde exchange-verbinding compatibel is met deze netwerkinterface.