SIP-netwerken
U kunt verschillende communicatieservers via SIP met elkaar verbinden. U kunt hier de SIP-knooppunten instellen.
Instellingen voor de externe SIP-knooppunten
|
Parameter |
Opmerkingen |
|
SIP-knooppunt |
Referentienummer van het SIP-knooppunt |
|
Naam |
De naam van het SIP-knooppunt |
|
Bandbreedtegebied |
De gebruikte codecs worden gespecificeerd met het toegewezen bandbreedtegebied. |
|
aanwezigheidsgegevensmodus |
Geen muziek: Het externe SIP-knooppunt biedt geen ondersteuning voor aanwezigheidsgegevens. Server: Het externe SIP-knooppunt is een aanwezigheidsgegevensserver (b.v. een BluStar-server). Peer: Het externe SIP-knooppunt is een aanwezigheidsgegevenspeer (b.v. een MiVoice Office 400-communicatieserver of een Mitel Mobile Client Controller). Note:
Stel de parameter in op Geen, als het externe SIP-knooppunt geen aanwezigheidsgegevens verstrekt. Dit helpt om de verkeersbelasting te verminderen. |
|
Trunkgroep |
Wijs een trunkgroep toe aan het externe SIP-knooppunt. |
|
Parameter |
Opmerkingen |
|
IP-adres: IP-poort |
Voer het IP-adres en de IP-poort van het externe SIP-knooppunt hier in. |
|
Parameter |
Uitleg |
|
Gebruik '+' voor het internationale kengetal |
|
|
Probeer externe gesprekken te voeren: Timeout |
Zodra die tijd is verstreken, probeert de communicatieserver de oproep op te zetten via de volgende trunkgroep die is gedefinieerd in de route (standaardwaarde: 32 seconden). |
|
'Van' veld voor CLIR |
Als de oproepidentificatie wordt onderdrukt bij de bellende gebruiker, wordt de volgende zender aangeboden, afhankelijk van de selectie (weergavenaam en adres):
|
|
Stuur sessievernieuwing (RFC 4026) |
|
|
Gebruik bestemming-URL van |
De bestemming-URL kan worden gevormd uit het ’Naar’-veld of uit de verzoekregel. De keuze is afhankelijk van het externe SIP-knooppunt. |
|
Muziek in de wacht |
|
|
Muziek in de wacht: Signalering |
Het type signalering voor Muziek in de wacht hangt af van wat de SIP-provider ondersteunt:
|
|
Stuur doorschakelgegevens |
Met doorschakelgegevens kan de opgeroepen partij zien of de oproep werd doorgeschakeld en, zo ja, door wie. Er worden voor dit doel twee verschillende methoden gedefinieerd voor SIP. De parameter kan zowel voor elk SIP-knooppunt als voor elke SIP-terminal worden geconfigureerd. Nee: Er wordt geen doorschakelen/doorschakelgegevens weergegeven. Ja, m.b.v. "Doorschakelkoptekst (recurserend)": Doorschakelen/doorschakelgegevens worden alleen weergegeven in het geval van inkomende gesprekken. De oproep wordt doorgestuurd in de communicatieserver. Ja, m.b.v. "Doorschakelkopregel (niet-recurserend)": De gespreksdoorschakeling voor uitgaande oproepen is indirect, waarbij de communicatieserver 'Response 302' (Tijdelijk Verplaatst) terugstuurt met de nodige doorschakelgegevens naar de SIP-telefoon. De SIP-telefoon maakt vervolgens zelf de oproep naar de doorschakelbestemming en toont de doorschakelen/doorschakelgegevens op zijn eigen scherm. Note:
Gespreksdoorschakeling met Respons 302 is niet in alle gevallen mogelijk. |
|
Gesprek-doorverbindenmodus |
U kunt hier selecteren of de VERWIJZEN of Opnieuw-UITNODIGEN methode moet worden gebruikt tijdens doorverbinden van een extern gesprek. Note:
De REFER-methode wordt alleen gebruikt als beide gebruikers die moeten worden doorverbonden, zich op hetzelfde SIP-knooppunt bevinden. |
|
PRACK-ondersteuning (RFC 3262) |
|
|
Parameter |
Opmerkingen |
|
Voorkeurscodec |
Kies de gewenste codec hier: Niet gespecificeerd Er wordt automatisch een geschikte codec ingesteld. G.711a: Niet-comprimeerde codec met hoge geluidskwaliteit. Geschikt voor verbindingen met grote bandbreedte. De bitsnelheid is 64 kbit/s. Gebruikt het Duitse toonsignaleringsproces G.711u: Niet-gecomprimeerde codec met hogere geluidskwaliteit. Geschikt voor verbindingen met grote bandbreedte. De bitsnelheid is 64 kbit/s. Gebruikt het Amerikaanse toonsignaleringsproces G.729: Gecomprimeerde codec met medium geluidskwaliteit. Geschikt voor links met beperkte bandbreedtes. De bitsnelheid is 8 kbit/s. |
|
Comfort geluidsondersteuning |
Uit: Passief: Actief: |
|
RTCP-ondersteuning |
Uit: Passief: Actief: |
|
Parameter |
Opmerkingen |
|
Verbinding behouden inschakelen |
|
|
ALG-ondersteuning |
Ondersteunt de verbinding met het externe SIP-knooppunt.
|
|
Relayeren RTP-gegevens via communicatieserver |
Note:
Indirect schakelen vereist twee extra VoIP-kanalen in de communicatieserver. |
|
Parameter |
Opmerkingen |
|
Lokale authenticatie vereist |
|
|
Gebruikersnaam |
Voer de gebruikersnaam in ten behoeve van authenticatie op het externe SIP-knooppunt. |
|
Wachtwoord |
Voer het wachtwoord in ten behoeve van authenticatie op het externe SIP-knooppunt. |
|
Transportprotocol |
Hier kunt u het gewenste transportprotocol selecteren. |
Het telefoonnummer is ook inbegrepen, in canonieke indeling.
Directe schakeling: Tijdens het instellen van de verbinding met een ander IP-eindpunt worden de spraakgegevens rechtstreeks doorgestuurd.